02
May

Kampioen 2022 - de nabeschouwing.

PIBO Hoeselt blikt nog een laatste keer terug op het geweldige seizoen 2021-2022 met de titel als allermooiste bekroning. Aan het woord: zes protagonisten die de voorbije jaargang(en) tussen en naast de lijnen een prominente rol vertolkten.

Starten doen we met kapitein Dimitri Wagemans, die een dijk van een seizoen kende en in de allesbeslissende titelmatchen een bepalende rol speelde. “Het was vanzelfsprekend een topseizoen. De titel is een doelstelling waar jaren geleidelijk naartoe werd gewerkt, dan is het eens zo mooi als je erin slaagt om met veel eigen jeugd die ambitie waar te maken.”

“We hebben het kampioenschap als groep gehaald. Op zuivere techniek waren we wellicht niet de beste van de klas, maar we speelden echt zaalvoetbal. We wisten dat we in moeilijke omstandigheden in de tweede helft altijd het verschil konden maken omdat we allemaal lopers zijn en fysiek geweldig in orde waren.”

“Of ik ooit twijfels heb gehad? Even, ja. Na de verliesmatch in Hoei, die niet ingecalculeerd en evenmin nodig was, hadden we het niet meer in eigen handen. Maar nadien lieten de concurrenten ook punten liggen. Toen we opnieuw op kop kwamen, hadden we het gevoel dat we het niet meer uit handen zouden geven.”

“De drie laatste thuismatchen waren memorabel, de beleving en sfeer ronduit geweldig. Vooral de wedstrijd tegen Aarschot staat, mede door het spectaculaire wedstrijdverloop, in mijn geheugen gegrift. Ik maakte nooit een betere sfeer mee dan tijdens die wedstrijd.”

“Wat het aandeel van de coach is? Carmelo is een strateeg. Hij is bezeten en tactisch ijzersterk: enerzijds weet hoe hij zijn eigen ploeg beter kan maken, anderzijds hoe een opponent aan te pakken. Dat was ook nodig, want gaandeweg begonnen tegenstrevers zich steeds meer aan te passen. Daar heeft Carmelo, wetende dat wij geen ploeg van dribbelaars waren, geweldig op geanticipeerd en getraind.”

“Het was een zwaar en pittig seizoen, mede omdat het niveau in tweede nationale nooit zo hoog lag. Een reden te meer om fier te zijn op hetgeen we gepresteerd hebben.”

Alomtegenwoordig en zowel voor sfeer en gezelligheid als het operationele aspect van goudwaarde binnen de clubmuren: AD Bart Verjans. Hij nam in 2020 de scepter over van Olivier Boyen en beleefde mee een memorabel titelfeest.

“Bij een analyse van onze titel kan ik niet anders dan terugdenken aan de brainstormoefening die we enkele jaren geleden met een tiental PIBO’ers maakten. Waar staan we als club voor? Waar willen we op welke manier naartoe? Wat zijn onze pijlers? Bewust en onbewust zijn heel veel dingen die we toen uittekenden, vandaag realiteit geworden. De titel is een gevolg van een gezond en stabiel beleid en is allerminst op bestelling gekomen of uit de lucht gevallen.”

“Heel wat bouwstenen zijn gaandeweg in mekaar geschoven. Er kwamen nieuwe mensen, enthousiastelingen die een meerwaarde betekenen. Dat blijft na bijna dertig jaar nog altijd een cruciaal gegeven binnen de club: de kameraadschap en de fijne momenten aan de toog. Neem dat weg en PIBO is PIBO niet meer. Die topavonden werden dit seizoen gecombineerd met geweldige resultaten.”

“Daarvoor werd ook geïnvesteerd: onze eigen jeugd werd beter gemaakt en het bestuur en de sportieve cel staken veel tijd en moeite in een zo goed mogelijke omkadering. Dat heeft gerendeerd.”

“Onze volgende doelstelling ligt voor de hand: wij willen ons handhaven en een vertrouwde eersteklasser worden. Voor die bestendiging zal natuurlijk zweet moeten gelaten worden. Daar begin je niet aan in augustus, maar dat is gelukkig ook niet de bedoeling”, lacht Verjans.

Zijn naam viel hierboven al even: Olivier Boyen richtte in 1993 samen met Stef Wijnants en Joel Willems ZVC PIBO op en is drie decennia (!) later nog steeds een van de bezielers van de club.

“Ongelooflijk hoe de tijd vliegt”, zegt Boyen. “Ik herinner me nog levendig onze eerste seizoenen in Tongeren. De resultaten waren om heel snel te vergeten, maar de ambiance was fantastisch. We gingen na onze wedstrijd op maandagavond meer dan eens rechtstreeks naar het werk”, grijnst Boyen.

“Tijdens die beginjaren met kameraadschap is de basis gelegd voor PIBO vandaag. Het doet me veel plezier dat zoveel jaren later nog steeds veel dezelfde mensen er deel van uitmaken. Er zijn verenigingen waar het een komen en gaan is van geëngageerde vrijwilligers, bij PIBO vormen dezelfde en vertrouwde gezichten al meer dan twintig jaar het hart van de club.”

“Tijdens de laatste minuten tegen Meeuwen, toen we zekerheid hadden over het kampioenschap, was ik oprecht geëmotioneerd. Komend seizoen dertig jaar geleden begonnen in vierde provinciale en nu staan we in eerste klasse. Het was een prachtige ontknoping, mede omdat ik tal van mensen ontzettend zag meeleven: trouwe supporters, jeugdspelers en hun ouders, onze vrouwelijke wederhelften, sponsors die plots hun zenuwen niet meer de baas konden, … Geweldig. Het is onbegonnen werk om namen te noemen, maar het is duidelijk dat dit resultaat vele grondleggers kent. Daar wil ik iedereen enorm voor bedanken.”

Hij is een kind van de club: als jonge tiener begonnen bij PIBO, de volledige jeugdwerking doorlopen, piepjong in de A-ploeg terechtgekomen en vandaag een van de absolute sterkhouders en met 30 doelpunten bovendien topschutter van de ploeg. De 20-jarige Thibeau Dochez kende een droomseizoen.

“Ik heb alleen maar positieve woorden om het voorbije seizoen te beschrijven. Het was fantastisch, met de sfeer tijdens de laatste wedstrijden als hoogtepunt. De ontlading en het feest na de titel zullen me voor de rest van mijn leven bijblijven.”

“Aan het seizoensbegin moesten de automatismen nog erin komen, maar we maakten iedere wedstrijd progressie. De trainingen - waarop echt iedereen altijd aanwezig was -  loonden overduidelijk, waardoor het plaatje gaandeweg steeds meer ging kloppen. Onze terugronde was van niveau nog beter dan de heenronde. We werden week na week sterker en pakten uiteindelijk verdiend de titel.”

Net als Wagemans haalt ook Dochez de verliesmatch in Hoei aan. “Dat was zo’n enorme domper. We vroegen ons achteraf allemaal af ‘hoe zijn we hier in godsnaam komen verliezen?’. Totaal onnodig en alles zat die avond tegen, maar die verliespartij heeft ons achteraf misschien zelfs deugd gedaan. Plots waren we geen favoriet meer, terwijl we wisten dat alle kopploegen nog tegen mekaar moesten spelen en we sowieso dicht zouden eindigen.”

“Carmelo heeft ons toen gezegd dat we niet aan titelstress moesten denken en nog steeds kans maakten. Hij is gewoon een topcoach. Vanuit de tribune zal je het niet altijd zien, maar in verschillende wedstrijden maakten we puur op tactiek het verschil. Carmelo heeft vanaf de eerste seconde in ons geloofd en ons dat vertrouwen ook doen uitstralen.”

“Heel vroeg in de terugronde hamerde Carmelo er al op dat de titelstrijd op doelpuntensaldo zou beslist worden. In sommige wedstrijden, waarin we een ruime voorsprong hadden, bleef hij erop hameren om die extra goal te maken. Als spelers dachten we bij pakweg 6-1 weleens ‘coach, are you kidding us’, maar als Borgerhout de slotwedstrijd gewonnen had, was het effectief zover en waren we op doelpuntensaldo kampioen geworden”, lacht Dochez. “Dat toont aan dat Carmelo constant tot in het kleinste detail met ieder scenario bezig is. Op papier is dat de taak van een coach, maar ik ben er zeker van dat weinigen in die mate erover nadenken.”

Tot slot: eerste klasse. “Ik kijk er enorm naar uit. Het was mijn ambitie om de stap te zetten en het is het allermooiste om dat met PIBO te doen. Ik ken hier iedereen en ga veel liever met PIBO naar eerste nationale dan dat ik dat met eender welke andere club zou doen. Sportief gezien weet ik nog niet wat te verwachten, mede omdat de ploeg deels vernieuwd gaat worden. Ik laat het op me afkomen.”

Vanzelfsprekend is geen titelnabeschouwing mogelijk zonder de coach aan het woord te laten. Carmelo Nieddu werd in februari 2020, vlak voor het uitbarsten van het coronavirus, voorgesteld als de opvolger van Geert Lambeets en pakte tijdens zijn eerste volledige seizoen de hoofdprijs. “Hoe ik terugkijk op onze titel? Met heel veel trots. Dat komt mede door de manier waarop we ons doel bereikt hebben: met een goede basis en met veel eigen jeugd zijn we gestaag gegroeid, zonder onderweg ook maar één discussie of de minste onenigheid te hebben gehad. Op dat laatste ben ik misschien nog het meest trots, want zoiets kan altijd voorvallen in een groep.”

“We hebben echt een fantastische kleedkamer. Alle spelers waren altijd op training en toonden een enorme bereidwilligheid. Als je dat combineert met het gezond verstand en de rustige vastigheid van iedereen binnen de omkadering, geraak je een heel eind.”

“Ik heb veel bewondering voor de mensen van ons bestuur en de sportieve cel. Velen hebben het professioneel pokkedruk, maar engageren zich toch iedere week om de club op een voorbeeldige manier te leiden. Ik meen oprecht dat een coach het zich amper beter kan wensen.”

“Voor aanvang van de pandemie begonnen we aan ons verhaal met als doel de jongens beter te maken en zodra het mogelijk bleek samen de stap naar eerste klasse te zetten. Die ambitie voelde ik ook heel duidelijk bij de spelers. Het seizoen 2020-2021 eindigde reeds na drie speeldagen, maar zodra corona het toeliet, bleven we consequent trainen. Daar legden we de basis. Dimi en Nigel namen met hun eersteklasse-ervaring de groep op sleeptouw en alle andere gasten legden er ook hun kop voor.”

“Wat aan de eindmeet het verschil heeft gemaakt? Dat de spelers uit iedere training alles haalden wat erin zat. Onze jongens hebben allemaal een goede kop: het zijn intelligente en realistische gasten. Dat is als coach een ongelooflijk voordeel om mee te werken. Ook absoluut het vermelden waard: in de tweede helft tegen Aarschot deden de spelers het fantastisch, maar moeten we ook de supporters niet vergeten. Zij hielpen de ploeg door de moeilijke momenten heen en trokken in een zinderende sfeer de zege mee over de streep.”

Na de vele titelpinten is PIBO intussen volop bezig met het huiswerk voor 2022-2023. “We willen ons versterken en vanzelfsprekend een goede en strijdbare kern samenstellen. Als PIBO zijnde kan je niet zomaar eender welke speler binnenhalen, maar dat hoeft ook niet. Binnenkort kunnen we ons eerste transfer(s) bekendmaken.”

 

Het slotwoord is voor de man die de spotlights steevast aan anderen laat - er is zelfs geen kampioenenfoto van hem te vinden - maar achter de schermen intussen jaren de PIBO-lijnen mee uitzet. Technisch directeur Luc Dochez blikt net als iedereen met veel plezier terug op de onvergetelijke maanden maart en april.

“Het is een cliché van jewelste, maar de ploeg die op het einde van het seizoen bovenaan staat, heeft de titel verdiend. Dat is nu niet anders. Na de coronabeslommeringen konden we eindelijk opnieuw een volledig seizoen spelen. Dat seizoen is lang genoeg om op het einde van de rit een faire rangschikking te krijgen.”

“Borgerhout en Aarschot hebben net als ons een topseizoen achter de rug en daarvoor wil ik hen oprecht complimenteren. Op technisch vlak hadden zij evenveel en meer kwaliteiten, maar toch trokken we aan het langste eind. Wat dan de titel naar ons heeft doen komen? Onze ploeg. Iedereen trok tweehonderd procent aan hetzelfde zeel, we speelden modern zaalvoetbal en stonden er op de juiste momenten. Na een tegenslag herpakten we ons onmiddellijk, we hadden nooit een echte inzinking. Dat geeft uiteindelijk de doorslag in de eindafrekening.”

“De titel is het resultaat van het harde werk gedurende vele jaren. Dit is niet de titel van de A-ploeg, maar van de hele club. Als ik bijvoorbeeld zie hoe nauw onze beloften - die ook een geweldig seizoen kenden - gemeend betrokken worden bij de titelviering, dan is dat de bevestiging dat iedereen echt geweldig aan mekaar hing en hangt.”

Sinds 2008-2009 speelde PIBO onafgebroken in tweede nationale, het seizoen 2022-2023 wordt het eerste in de hoogste klasse. “Dat is een grote uitdaging en uiteraard is er werk aan de winkel. We zijn een gemotiveerde club en gaan er alles aan doen om zowel op als naast het veld te tonen dat we een aanwinst zijn voor eerste klasse. De voorbije weken konden we genieten, vanaf nu is het de mouwen opstropen en hard werken. Spannend, maar iedereen kijkt ernaar uit.”